Van wat kleine beheeringrepen kunnen wilde bijenpopulaties ook in vlakke terreinen goed profiteren en er kunnen zich zelfs bijensoorten vestigen die eerder niet werden waargenomen. De meeste soorten bijen graven een nest in de bodem en doen dit het liefst op kale, spaarzaam begroeide, door de zon verwarmde plekken. Met een mengeling van kleinschalige ingrepen, waardoor geen dominantie in het beeld ontstaat, kunnen we het vestigingsklimaat van bijen aanjagen. Maatregelen die we voor bijen zullen treffen bestaan uit het creëren van plekken met opener vegetatie, het aanbrengen van dood hout, bestaande uit takken en boomstammen, het zeer terughoudend toepassen van stapelmuurtjes, het onderzoeken van mogelijkheden bijen toegang te geven tot water en uiteraard het gerichter laten ontwikkelen van de vegetatie op de behoeften van enkele monolectische bijen.

Doorgaans groeit open grond, zeker in het platte vlak en in voedselrijke omgevingen, vrij snel dicht. Het loont daarom waarschijnlijk de moeite om goed naar incidenten in het landschap te kijken, de openheid van de vegetatie goed te volgen, en aanvullingen te maken op de open plekken in de vorm van nestelhopen en steilrandjes.

BIJEN

Doodhout vormt een voorname bron van voedsel en biedt nestel- en voortplantingsgelegenheden voor tal van dieren, maar zijn ook interessant voor planten en paddestoelen.

Zonbeschenen delen trekken bijen en graafwespen aan, waar paddestoelen en één van de vier groepen zweefvliegen zich op beschaduwde delen zullen richten voor het kunnen laten ontwikkelen van hun nageslacht, samen met een schare aan pissebedden, kevers, spinnen en zo meer.

Variatie in staande en liggende delen zullen de variatie van bezoekers nog verder vergroten, dit geldt ook voor de ontwikkeling van mossen en korstmossen. In deze kleine ecosystemen kun je zelfs spreken van een vegetatieve successie, waarmee ook hier, het variëren in de tijd een aspect vormt om door de tijd actie op te ondernemen.

Zeldenooit partner Nationale Bijenstrategie

Sinds juni 2026 is Stichting Zeldenooit partner van de Nationale Bijenstrategie. De partners van de Nationale Bijenstrategie (NBS) werken met ruim 100 partijen samen om de bestuiving van planten en gewassen vóór 2030 duurzaam te behouden en bevorderen. Ze creëren voedsel en nestgelegenheid voor bijen en andere bestuivers, herstellen de biodiversiteit en financieren of ontwikkelen lokale initiatieven.

Meer informatie op de website van de nationale bijenstrategie »

Bijenburcht

Tweederde van alle wilde bijensoorten nestelt in de grond, vaak in schuine of verticale wandjes of hellingen. Het bouwen van een bijenburcht is daarom een goede manier om bij te dragen aan het leefgebied van de wilde bij. Door open, zandige grond rondom de bijenburcht toe te passen wordt namelijk voorzien in geschikte nestgelegenheid voor diverse soorten ondergronds nestelende bijen.
Door daarnaast een variatie aan stengels en houtstronken toe te passen in de burcht, wordt het eveneens een geschikte nestelplek voor bovengronds nestelende bijen. Deze combinatie van meerdere soorten nestelgelegenheden maakt de bijenburcht een unieke woonplek voor veel bijensoorten. En door er ook voor te zorgen dat de burcht zich in een bloemrijk gebied met de juiste wilde planten, bomen en struiken bevindt, is er jaarrond ook voldoende voedsel beschikbaar.

Om te zorgen dat wilde bijen naar de burcht komen, is het essentieel om de bijenburcht op een geschikte plek en met het juiste materiaal aan te leggen. En minstens zo belangrijk is het om - als de burcht er eenmaal ligt - deze goed te onderhouden.

Hoe je een bijenburcht kunt bouwen lees je in deze pdf »